Deze publicatie is verschenen op www.toppigeons.com, geschreven door Ad van Gils, februari 2018

Theo Daalmans en vrouw

Je zult je topper afgelopen seizoen maar niet meer gespeeld hebben en dan zie je hem bij een nieuw vierjarig duifkampioenschap nog doodleuk bovenaan staan met de prijzen die hij over de drie jaar daarvoor behaald heeft. Dan kan hij niet anders dan echte kopprijzen gewonnen hebben om de concurrentie nog achter je te kunnen laten. En dat heeft de ‘Mito’ van 2012 van Theo Daalmans uit Elsloo dan ook waarlijk gedaan. In de ZLU-fondspiegel was hij vorig jaar al de beste duif over 4 en 5 jaar met 9 prijzen in 4 jaar behaald en wie zijn erelijst ziet zal moeten beamen dan we hier over een echte superieure fondvlieger mogen spreken. Over drie jaar Marseille werd hij in 2016 tot nationale en internationale asduif gekroond en de reeks nationale prijzen van 21, 16 en 21 is dan ook buitengewoon bijzonder te noemen. In 2014 scoorde hij drie prijzen en met dat drieluik was hij dat jaar 3e beste ZLU-duif na toppers van J. Stevens (Schinveld) en F. Sliedregt (Langeweg). Dat jaar had Theo Daalmans nog een topper met drie prijzen en wel met zijn ‘Skyfall’ die dat jaar de 887e Barcelona, 12e Marseille en 9e Perpignan nationaal vloog en met zijn twee laatste pure kopprijzen werd ‘Skyfall’ 2e beste ZLU-duif WHZB 2014. En ‘Mito’ en ‘Skyfall’ zijn ook familie van elkaar zoals veel duiven trouwens bij Theo Daalmans want ‘Skyfall’ en de vader van ‘Mito’ zijn halfbroers. Laten we het petje diep afnemen voor een duif als ‘Mito’ die de volgende erelijst bijeen vloog:

  • 2013
    • Agen jrl. 120e 4386 d.
    • Narbonne 159e 4515 d.
  • 2014
    • Agen oud 216e 5910 d.
    • Marseille 21e 4899 d.
    • Perpignan 65e 6414 d.
  • 2015
    • Agen oud 663e 6638 d.
    • Marseille 16e 3610 d
  • 2016
    • Agen oud 152e 6887 d.
    • Marseille 21e 3320 d.

Lust u nog peultjes zeg je dan als je zo’n prijzenreeks ziet! Kan het nog beter over 4 jaar? Amper toch moet men dan vaststellen. Een sticker met het predikaat ‘crack van de bovenste plank’ mag zonder gêne op hem geplakt worden. Ook over Agen oud behoorde hij over 2014-2016 tot de asduiven met een 9e plaats. In zijn loopbaan werd hij 10 keer op de grote fond gekorfd en hij miste op Perpignan 2015. In Elsloo werd hij gekweekt uit de doffer ‘Bütgenbach’ van 2010 en met zo’n naam stelt men dan al snel de vraag waarom hij die gekregen zou hebben? Bütgenbach is een Belgische plaats tegen de grens met Duitsland en het ligt even naast het bekendere Malmedy. Theo Daalmans kwam in 2014 daar terecht om zijn ‘Bütgenbach’ op te halen die vandaar werd opgegeven en ter plekke een vijver was ingedoken en een restaurant was binnengelopen.

In 2013 vloog de Bütgenbach de 3e prov. Pau en na St. Vincent korfde Theo hem nog in op Cahors om te kijken of hij nog goed was. Cahors en Marseille werden dezelfde dag gelost en Theo klokte twee hele vroege van Marseille aan de prijzen 12 en 21 en wel een halfbroer en een zoon van ‘Bütgenbach’en de volgende morgen kon hij rond 6 uur ‘Bütgenbach als 5e duif van Cahors klokken en met prijs 372 tegen 3207 duiven was hij fraai op tijd. Daarop besloot Theo hem niet meer te spelen. Bütgenbach zelf komt uit de ‘Prima’ van 2006 en de naam van deze doffer verwijst naar zijn ouders. De moeder is de ‘PRIncess’ van 2000 van Lei Martens en de vader is de ‘Marseille’ van ook 2000 van Theo Daalmans zelf. De ‘Marseille’ was zelf een klasbak op de vlucht waarnaar hij vernoemd is met achtereenvolgens de prijzen 40 (2001), 58 (2002), 2111 (2003) en 227 (2004). Prijs 2111 in 2003 lijkt wellicht een ‘verschrijving’ maar dat jaar stonden 8730 duiven op Marseille in concours. Toen konden pas verlaat de fondvluchten vervlogen worden en Marseille 2003 was een loeizware vlucht.

De ‘Marseille’ kweekte Theo uit een doffer van Hub Nijsten uit Geulle en een duivin van Harrie en Lei Martens uit De moeder van ‘Bütgenbach’ is een duivin van 2007 van Lei Kurvers(-de Weerd) uit Hulsberg en in dat jaar haalden Theo en Lei Martens een aantal duiven aldaar waarmee ze zeer goed zijn geweest. De moeder van onze hoofdrolspeler ‘Mito’ is een duivin van 2006 die Theo kweekte uit voornoemde ‘Marseille’ gekoppeld aan een duivin van 2005 van comb. van Mulken-Franssen uit Beek die als vader een doffer had die de 6e nationaal Marseille vloog. Hub van Mulken was jaren een uitblinker, eerst op het erf van en samen met Jac Visschers in Beek, later op eigen erf onder de naam van Mulken-Franssen en daarna in Susteren met Fr. Heynen in Susteren onder de naam Heynen-van Mulken. De ‘Marseille’ was eerder de vader van de ‘Irunha’ van 2005 en deze doffer won in 2007 de 1e nationaal Irun dat in plaats van Marseille dat jaar werd vervlogen. In zuidelijk Frankrijk mochten er geen duiven worden gelost en daarom stak men maar even de grens met Spanje over om dat toch mogelijk te maken. De ‘Irunha’ bleek later een beste duif in de kweek en zijn moeder was weer een duivin van vriend Lei Martens. En in de loop van een jaren zijn er veel duiven heen en weer gegaan tussen de twee fondhokken en de mannen leerden elkaar kennen bij de voormalige gezamenlijke werkgever in Maastricht. Lei Martens won in 2015 de 2e nationaal Marseille en de 1e internationaal duivinnen en in 2016 de 1e nationaal Marseille op zijn erf in Meers. In 2017 heeft Lei niet meer meegespeeld vanwege familiale omstandigheden en januari 2018 is zijn kolonie totaal verkocht via internet.

duivenhuis

Fondspel

Zo’n 25 jaar geleden heeft Theo Daalmans zijn huidige woning op een perceel kunnen bouwen dat in familiebezit was en als tuin en voor opslag werd gebruikt. Achterin dat perceel bouwde hij gelijktijdig een verhoogd stenen hok met de bedoeling daar de grote fond te gaan spelen. In dezelfde straat speelde hij lang in combinatie met zijn vader op het ouderlijke erf. Geregeld ging hij toen bij overbuurman Jo Houben op de grote fond letten en Theo vond het fascinerend om in de avonduren bij lekker weer aldaar dan duiven van ZLU-vluchten te zien arriveren. Van die tijd herinnert hij zich nog dat 10 mensen op dat erf bijeen waren om duiven te zien komen. Jo Houben speelde in de plaatselijk voetbalclub Haslou in het eerste elftal als 35-jarige toen Theo op 18-jarige leeftijd zijn debuut maakte in dat elftal.

De eerste fondduiven haalde Theo bij Jac Willems in Kessel die indertijd een machtige fondkolonie had voor ochtend- en middaglossingen. Jac Willems is trouwens recent op 85-jarige leeftijd overleden. Met de Willemsduiven wist Theo al snel zijn prijzen goed te pakken en later ook pure kopprijzen te winnen. Later kwamen er duiven van Huub Nijsten uit Geulle en dat werd met duiven van Lei Martens, Hub van Mulken en Lei Kurvers later ‘aangevuld’. Ook de goede duiven en lijnen van Jos Martens uit Stein zitten flink in de fondkolonie van Theo Daalmans. Topper ‘Mito’ heeft zijn naam gekregen toen Theo en Nicole in Toscane een Alfa Romeo Mito zagen rijden en zich afvroegen wat de naam ‘Mito’ zou betekenen. En toen ze zagen dat het woord ‘legende’ of ‘mythe’ betekent leek dan wel een mooie naam voor de topper. Ook de naam ‘Irunha’ heeft een speciale betekenis. De ‘Irunha’ won in 2007 Irun en de toevoeging ‘ha’ komt van vriend Harrie Peeters die najaar 2006 is overleden. Vele jaren was Theo met hem bevriend en ze speelden ook samen in het eerste elftal van Haslou.

Bij de bouw van het nieuwe huis heeft Harrie veel geholpen en op Mont de Marsan 2006 klokte hij met Nicole op het Daalmanserf nog de 10e nationaal om even later een hele slechte uitslag van een medisch onderzoek te krijgen en twee maanden later overleed hij. Het Buitenhuishok van Harrie verkreeg Theo Daalmans en daarop heeft ‘Mito’ geschitterd. Het hok heeft een plaatje met de naam ‘Harrie’s hok’. ‘Irunha’ is recentlijk in Elsloo overleden nadat hij de laatste jaar flink in gezondheid was ‘teruggelopen’. Van ‘Mito’ vertelde Theo dat hij opvallend weinig eet en dat hij als de andere doffers nog aan het eten zijn hij graag andere bakken mag ingaan om de daar broedende duivinnen te gaan treden. In Elsloo heeft Theo boven 38 bakken en beneden in het tuinhok 24 bakken voor de weduwnaars. De goede overjarige weduwnaars huizen beneden en boven zijn het grotendeels jarige doffers. De overjarige weduwnaars mogen de eerste keer vuil broeden en komen later net wel of net niet heel kort op eieren. De jarige doffers brengen een jong groot van de betere vliegers. Samen met Lei Martens heeft hij recent de eigen ploeg voor 2018 bekeken en samen stelden ze vast dat het er goed uitziet en het gevoel voor het nieuwe seizoen is ook goed. In 2017 scoorde Theo procentueel knap sterk op de ZLU-vluchten maar pure kopprijzen waren er niet bij. Zal hij in 2018 een zoon van bijvoorbeeld ‘Mito’ naar voren weten te schuiven als het gaat om het het winnen van een pure kopprijs?